11 mrt. 2014

blog inactief

Dit blog is inactief.

De toekomst sluit niets uit, misschien komt er weer een tijd van expressie over dit onderwerp.

13 feb. 2014

Het niet weten



Hoe zou ik weten wat ik ben
ik die alles ben?
Alles kent zichzelve niet
het is.

Hoe zou ik weten dat ik ben
ik die alles ben?
Het ik is in het al verdwenen
voor kennis is geen plaats.

Hoe zou ik weten dat ik ben
ik die ben?
Zijn is niet iets zijn
het is zichzelf genoeg.


Eric van Ruysbeek (1915-2004)

11 nov. 2013

Zijn, en de kakofonie van het leven.

Wat prachtig alles! De één vindt dit en de ander dat. Er is discussie, er is strijd, er is eendracht en er is verdeeldheid. Dit alles is door kennis in het leven geschapen. Zodra, de gedachte; ik vind, of ik weet, boven komt drijven is er al conflict.

Achter het weten, achter de mening is een groot veld, een niets van niet weten. Het is er stil, zelfs stilte is er niet. Wat is er wel? niets dat ik weten kan. Hoe weet ik dat het er is? Ik weet het, omdat er niets is, omdat ik niet weet dat er iets is. Geen idee! Daarom zelfs geen stilte, want stilte is een idee. Het is daar waar geen idee is. Er is niets, zelfs dat niet, er is zelfs niet niets.

Dan, de rest? levendige levendigheid. Het opkomen en verdwijnen van roekeloze gedachten, twijfel en zekerheid. Meningen die al dan niet worden bijgesteld. opborrelende gevoelens, in de buik! en de ondertiteling zegt 'angst', in de piemel en de ondertiteling zegt 'sex'. Overal borrelt het, het hele lichaam is borrelen. En dan de buitenwereld? Wat is dat? Wat gebeurd er? De ogen zien een landschap (landschap is een ondertiteling) en meteen komt er een gevoel, een zucht, een verademing, hè lekker ruimte. De oren horen verkeer en meteen komt de ondertiteling "jammer het verstoord de natuur" De wind maakt zich kenbaar botsend tegen de huid en de ondertiteling vertelt "koud"
Alles bestaat uit de ideeën erover. De film kent zijn ogenschijnlijke werkelijkheid dankzij de ondertiteling. En de ondertiteling is aangeleerd. Aan alles is woorden, kennis toegevoegd. Het is nauwelijks nog mogelijk om zonder woorden, zonder kennis de toestand dat we leven noemen te ervaren. De gedachte 'ik' is de meest hardnekkige. Die eigent zich elke seconde toe, behalve als je slaapt en droomt tijdens je slaap.

Dromen zijn zo'n mooi voorbeeld. Je lijkt te bestaan en je lijkt allerlei dingen te doen en te laten. Meestal lijkt het dat je dingen doet die je in het zgn normale leven nooit zult doen. Dromen zijn vrij, want er is geen controle, geen keuze, want er is geen jij, het lijkt alsof jij iets beleeft, maar het is een droom. En dat weet je pas als je wakker wordt, tenminste dat is het idee, wat ook een ondertiteling is.

Wat als je tijdens je zogenaamde gewone wakende leven, met een continu ik gevoel alweer ontwaakt uit die droom (zgn gewone leven)? Dan staat alles ondersteboven. De ondertiteling slaat op tilt. In één keer klopt de werkelijkheid niet meer met de ondertiteling. De 'ik' gedachte verwijst in eens naar iets anders, naar iets wat niet bestaat. 'ik' verwijst dan naar geen ik, naar nergens, naar leegte, naar niets, naar zelfs geen leegte, geen niets geen nergens. 

Wat is de film zonder ondertiteling? Iets uit niets, zijnde niet iets.

Een lastige, probeer het niet te begrijpen. Begrijpen doe ik het ook niet. Nooit zal ik iets begrijpen, nooit zal ik het weten. Ik kan je nergens naartoe leiden en als ik al gemotiveerd ben je ergens heen te leiden, leid ik je nergens naar toe. Want 'ik' is een idee en 'jij' bent een idee. Alleen ideeën leiden elkaar ergens naar toe en dat ergens is ook weer een idee. Het kan nergens zijn, maar ook dat is een idee.

In ontwaakt zijn sta je geheel alleen. Maar dat is ook een idee, mijn eigen idee. Ontwaakt zijn is een vreemde term. Het suggereert dat ik sliep, maar niets is waar. Ik sliep nooit, ik droomde nooit en ik ben nooit ontwaakt. 

Wat is dat 'ik'? Het is de naam van al het opborrelen en ondertitelen ervan bij elkaar. De hele constellatie van opborrelen, van levendigheid noemen we ik, maar dat is een titel natuurlijk, meer niet. Het opborrelen van levendigheid is gewoon wat is: een levendig opborrelen. 'Ik' houd angstvallig de hele boedel bij elkaar en noem het mij, of ik, of mijn leven. Door de boedel als één geheel te zien lijkt er een afgezonderd individu te ontstaan. Het 'ik' tracht de boedel te onderhouden en te begrijpen. 

En kan het anders zijn? Natuurlijk niet. Het kan nooit anders zijn dat dat het is. 'Is' is wat is.

Valt er van die angst af te komen? Van angst kan je nooit afkomen. Kennis roept vertwijfeling op. Zekerheid riekt naar het tegendeel. Veiligheid is ook maar een idee. Liefde is een idee, al worden gevoelens soms liefde genoemd. omdat ze aangenaam zijn en gewenst, maar ook dat hangt af van ideeën die je erover hebt. Er is geen zekerheid, geen kennis en dus is er alle reden voor angst en de angst onder ogen zien en de automatische overgave aan die angst doet de angst verzachten. Angst is een titel voor opborrelen van levendigheid, net als vreugde of verdriet. De titels zijn zo hardnekkig dat ze als ondertiteling lijken realiteit te zijn. Zie de titel 'angst' en je hoeft niets meer te doen aan het gevoel waaraan angst getiteld is.    

Wat is de zin om te ontwaken? Geen enkele zin. Er is niemand die ontwaakt, niemand die sliep en niemand die ooit droomde. Je kunt niet ontwaken of verlicht raken of opnieuw in een droom terecht komen.

Je kunt alleen zien dat dit, dit is: 'Is' is wat is. 

Inclusief ondertiteling; droom, slaap, verlichting, verdichting, verduistering, ontwaken, waken, weten, niet weten, iets, niets, alles en niets, noem het maar op. De kennis gaat graag met 'is' is wat is, vandoor!

En: 'is' is wat is.....is een mooie ondertiteling waar 'ik' mee vandoor ga.
Nu, en dat is gezien!!! door niets, niet iets, niet niet iets en zo gaat het fraaie 'ik' door. Op de fiets, in de bus, tikkend op een toetsenbord.

Er is gezien dat er niets te halen valt. Nergens. Geen gewin. Het 'ik' is een werkeloze druktemaker, een kakofonist. Het wil van alles om handen hebben, omdat het niets om handen heeft. Hoe ik dat weet?, omdat ik het niet weet. Omdat ik niets weet en daarom is 'ik' werkloos.

En wat gebeurd er allemaal? Alles wat gebeurd gebeurd, één grote kakofonie. Zonder ik, zonder jij, inclusief ondertiteling, de gedachten ik en jij, de hullie's en de zullie's.

Wil je zonder denken zijn? dan kan je lang wachten. Tussen de planken misschien. Wil je zonder 'ik' zijn, zie dan wat dat 'ik' is. Waar verwijst het 'ik' naar? Het kan nooit het 'ik' zijn wat je dacht. 

Dan zie je in dat je nooit 'ik'loos zal zijn en dat er niets aan gesleuteld kan worden, want wat is 'ik'? 

Wat is het prachtig dat er geen ondertiteling bestaat die de werkelijkheid beschrijven kan. 

   
Einde verhaal.


  





  



31 okt. 2013

Zijn? Nada. Nada, Nada.

Wat er ook gebeurd? Niets!

We worstelen ons wat af met al dat gebeuren. we zijn druk met het verbeteren, gelukkiger worden, begrijpen. Niets werkt echt. Elk geluk is een tijdelijk geluk, elke verbetering gaat ten koste van iets en elk begrijpen wordt weer ondermijnt door nog meer wijzer, intelligentere ideeën. Deze wereld heeft al zoveel wijzen voortgebracht en is de wereld er beter op geworden? Is jouw wereld er beter op geworden? Is mijn wereld er beter op geworden? Ik ken mijn antwoord, onderzoek de jouwe.

Tijdens mijn eigen zoektocht was het antwoord krijgen op mijn vragen de drijfveer. Het vreemde was dat de waarheid angstig dichtbij verbleef binnen mijn intuïtie, aldoor voelbaar tijdens iedere handeling van de zoektocht. Bij elke tempel (metafoor voor de deuren waar ik aanklopte opzoek naar antwoord) die ik betrad voelde ik dat het mij niets ging brengen. Desondanks trad ik binnen, verbleef er een tijdje en ging naar het volgende. 

De innerlijke stem; 'het gaat me niets brengen' leek een pessimistische, er één van ongeloof en scepticisme. 

totdat de stem 'het gaat me niets brengen' in één keer in een ander daglicht kwam te staan. Wat vertelt deze zin? Het gaat me niets brengen? En daar kwam het probleem aan het licht. Dickie wilde iets!

Terwijl er enkelen waren die me al jaren riepen 'niets!' 

Eerst versterkten die enkelen het pessimisme. Het leek of die enkelen niets gevonden hadden, en toch leken ze er vrede mee te hebben, alsof het bijltje erbij neerleggen een grote opluchting geeft. 

De innerlijke stem riep het reeds, het antwoord werd steeds gegeven, maar het was een onwelkom antwoord. Ik wilde het tegendeel: iets! Toen kwam het inzicht dat 'iets' zoeken hopeloos en dwaas is, maar hoe kan 'niets' binnendringen als alle aandacht op iets gericht is?

En dat is mooi! Wat is al dat 'iets' waar de aandacht op gericht is? Tja niets, maar dan met ideeën erover. Zonder ideeën erover? Wat het is het dan?

Wat is een boom zonder het idee boom? Dat wat het is. In essentie weet ik het niet. En wat ik denk te weten is me verteld, aangeleerd en ronduit oppervlakkig en zeker niet de kern van de essentie(waarheid).
Elke kennis geeft geen antwoord op de essentie. En zelfs de essentie is maar een begrip. 

Wat is waarheid? Je zou kunnen stellen ,daar waar onwaarheid ontbreekt. Maar wat is onwaar? 

Johannes van het Kruis kwam van de berg en men vroeg wat heb je gevonden? Nada, nada, nada. Niets! En hij was verlicht! Niet omdat hij iets gevonden had, nee, hij was verloren! De hunkering naar waarheid was verdwenen en de vrede van niet-wetendheid, de verwondering van kinderlijke onwetendheid, was wat overbleef. Wat blijft er dan over?

Wat is een boom, zonder het idee boom? 
Juist, dat wat is, en zelfs dat niet.
Hoe ziet zoiets eruit? 
Zoals het zien eruit ziet.
Hoe ziet 'zien' eruit? 
Alleen jij zelf kan dat zien, want wie ziet er?

Ik weet het niet en kan het nooit weten en hoef het nooit meer te weten.

Dat is Satsang voor mij. Het totaal niets overbrengen. Geen boodschap, geen iets wat lijkt op een antwoord, geen recept, geen genezing, geen oplossing voor denkbeeldige problemen, niets, niets, niets.

Wie is er in niets geïnteresseerd? In Zijn zijn mensen wel geïnteresseerd. Zijn lijkt vooral nog op iets. Zijn heeft nog verbeelding, want alles wat we waarnemen en ervaring lijkt immers iets te zijn. Daar zoeken we nog graag naar, naar Zijn. Over Zijn valt te filosoferen, te speculeren, God?, bewustzijn? Het alles én niets, ook prettig, want dan hebben we naast niets toch nog alles (om ons druk over te maken) want niets? Wie wil dat?

Ik wilde iets, maar kreeg niets. Ik noem het Zijn en het wordt weer iets, een denkbeeld. Maar wat valt er te weten behalve het hooghouden van denkbeelden. Een denkbeeld hoeft nog geen weten te zijn. Wat weten we allemaal? Is het ook waar? Dat vergt een pijnlijk onderzoek. Ga er maar aan...

Failliete boedel; nada, nada, nada. Het juk van het weten ligt in duigen, niets is meer zeker, zeker geen zeker weten. 


Mooie titel!; Jnanayoga, gewoon zijn! 

Jnanayoga, Niets!  

Welkom op het blog. Verder lezen? Tja..


  








30 sep. 2013

I DO NOT KNOW

Wat is het toch mooi als het niet meer nodig is iets, of iemand te zijn of te worden. Het is als een afvallen van een zwaar juk. Het is een gewoon zintuiglijk beleven, dat zich vrij manifesteert. Er is zien, horen en voelen. Er is een vrijheid van opkomen van welke idee dan ook. Er is vrijheid in vreugde, vrijheid in ergernis en vrijheid in falen en vrijheid in oordelen.

Vaak heb ik nagedacht over vrijheid. Wat is nu vrijheid? Deze vraag is belangrijk voor jezelf vast te stellen in de zoektocht ernaar. Want hoe nu vrijheid vinden als het niet duidelijk is wat ermee bedoeld wordt. Maar elke vraag valt in duigen bij het ontbreken van een antwoord. En zelfs met de meest satsangerij nog aan toe, elk antwoord ontbreekt, niet alleen voor jou, ook voor mij. Misschien één verschil, jij fronst je ogen en ik lach er beetje bij. Voor mij mag niet weten wel het eindstation zijn. Vanuit niet-weten staar ik naar alle kennis en zie dat alle kennis gaat over de periferie van het leven. De buitenkant. We willen alles over de buitenkant weten, omdat de binnenkant onkenbaar en onpeilbaar en eigenlijk een onneembaar fort is. Een fort waarvan we de muren kunnen kennen en zelfs de schietgaten naar de zogenaamde buitenwereld toe. En dan moet ik, of wil ik met die buitenmuren de binnenkant beschrijven. No way, dat gaat niet lukken. Kijk zelf maar, doe je best en wordt een dichter. Dat is wat dichters doen, de poorten dichten van de muur en trachten naar binnen te kijken, maar wat men beschrijft is wat men nog steeds ziet en dat zijn woorden, gedachten die nog steeds gaan over de buitenkant. En als ze over de binnenkant gaan, dan tuimelen ze over het onvermogen, omdat er niets te beschrijven valt. En dan zijn we waar we zijn. Mond vol tanden, lege handen, ach speel dan maar wat gitaar. Doe ik! Deal.
Maar is daar niet de schoonheid die verspeeld wordt met de volgende afleidingstruc? Het kan, waarom niet, maar het is daar waar we eindigen, waar we weer zo gauw van weg willen. Het leven wil geleefd worden nietwaar? Toch leeft het ook zonder ons! kijk maar om je heen als je niet meer doet dan wat staren naar de tuin en de lucht. 
Dus terug naar daar waar we niet verder kunnen, daar waar het weten het ook niet meer weet. En als dan de periferie weer aan komt kloppen zijn al die waarheden die daar opdoemen zeer relatief. Elke wijsheid is tegen te spreken en elke waarheid te weerleggen en elke positie heeft zijn eigen uitzicht. Elk mens en elk ander wezen ziet een andere wereld. Hoe dus daarin nader te komen? en waarom?

Precies, alleen zijn is eng. Het komt akelig dichtbij het niet-weten, het is zelfs niet-weten. Leeg, niets. Misschien zelfs wel de gevreesde dood. Opvullen dus, met verhalen, muziek, satsang geven en bezoeken, bezig zijn, bezig, bezig, bezig.

Nu heb ik een voordeel. Het lichaam is vaak moe, dus die dwingt me wel te gaan zitten of liggen en het Zijn, ofwel dat waar 'ik' geen 'ik' meer kan zijn, dat ligt als een onvoorwaardelijk niets klaar om in te verdwijnen. Weg pijn, weg sores, tot de bel gaat, de telefoon, de maag knort. Kijk! daar is weer een 'ik' die denkt te gaan kiezen tussen havermout of griesmeelpap.

Doch het niets, het niet weten, het Zijn, blijft onvoorwaardelijk mijn vriend, mijn vader, die, dat, het, wie ik geen handen kan schudden, nee joh, veel intiemer! Het is de grootste intimiteit: die met je 'zelf'. En elk andere intimiteit verbleekt daarbij en drijft maar wat aan de periferie (mooi woord!) Het is zo intiem dat het ook unheimlich kan zijn. Het is namelijk onbeheerbaar. Het beheert mij!

Geef je dan maar eens over? Het failliete ik. Dan lach ik om alle woorden die ik schrijf, om alles wat ik zeg. Dan verbleken de teksten als inktcirkels op het water. Niets van dat alles, niets. Laat ze maar kletsen, de Dick die schildert, die zingt en gitaar speelt, of gesprekken voert.

Wie kent mij terwijl ik zwijg, en wie is daar in geïnteresseerd?  dat zijn er maar weinigen. En wie is in jouw zwijgen geïnteresseerd? Wat blijft er over?

Kijk maar eens naar niet-zijn, dat doe ik nu ook. En verder?

I DO NOT KNOW



  
    

27 sep. 2013

Zijn, voorbij elke ervaring.

Overweging op de zijnsavond 26 september in Boskoop.

In sommige gevallen vertel ik dat alles 'zijn' is. Daarmee ook elke ervaring die beleefd wordt. Elke tijdelijkheid verschijnt in tijdloosheid. Het bijzondere is dat er dus aan elk verschijnsel, hoe mooi of vervelend ook 'zijn' als oorzakelijkheid toebedeeld kan worden. Alles is 'zijn'.

Toch wordt in alles niet altijd het zijn herkend en is er vaak een onbevredigend gevoel in een mens. Men voelt zich afgescheiden en daardoor alleen en daarbij weer angstig. Hoe graag ik ook roep, dat alles 'zijn' is, helpt die boodschap niet om van dat onbevredigende gevoel af te komen.

Als het leven zelf, als opsomming van alle ervaringen dan geen vrijheid geeft, wat dan wel? Ergens zal er een uitgangspunt moeten zijn om helderheid of inzicht te krijgen. En waar kan je die vinden?
Je kunt allerlei mensen raadplegen, boeken lezen en technieken toepassen.

Dat je bent is evident. Daar kan niemand iets tegen inbrengen. Toch is dat gelijk de opening tot het diepere inzicht in je natuurlijke staat van zijn. Let maar eens op, wanneer je wandelt of fietst.
Terwijl het landschap beweegt bij je eigen voortbewegen en alles wat je waarneemt continu verandert is er iets dat altijd bewegingloos is. Dat altijd stil staat, dat altijd is. Dat is je geest. Het bewustzijn.

Over het algemeen zijn we zo gefixeerd op de beweging van ons lichaam en die van de buitenwereld, dat we de lege, stille ruimte van het bewustzijn, het zgn lege filmdoek als essentie van wie we zijn vergeten zijn.

Door waar te nemen dat alles wat je feitelijk ziet in een constante vormloze ruimte of nietsheid verschijnt en beweegt is er ook geen afgescheidenheid, dan is bewustzijn en dát waar je je bewust van bent één onafgescheiden toestand. Feitelijk is hier niets mystieks aan. Het is alledaags normaal en voor ieder toegankelijk.

Wanneer ik over 'zijn' spreek, bedoel ik dus deze toestand. Deze toestand is voor mijzelf vanzelfsprekend en natuurlijk.
Het is dus wel degelijk mogelijk, wanneer je een afgescheiden gevoel hebt te oefenen door te kijken. Door observatie. Je hoeft er nergens voor naartoe en het kan geheel moeiteloos. Zie hoe het is.
Alles wat je ziet is veranderlijk en in beweging, terwijl het zien zelf onbeweeglijk de ingrond is van elke eigenschap.

Maak van het zien zelf een hobby. Niet door je te fixeren op wát je ziet, maar het zien zelf. Wees je dat bewust.

Door dit zien ben je het bewustzijn zelf bewust. Hoe meer notie er is dat 'zijn' als moeiteloos, vormloos en zonder eigenschappen jouw eerste oorzaak is, hoe ruimer en meer geïntegreerd het wordt in je dagelijks leven.

Als je het bewustzijn als eerste oorzaak herkent, dan zie je dat je dát bent en ondanks dat jouw lichaam eens geboren is, is dat, wat jij bent nooit geboren en zal nooit sterven. Daar is de vrijheid te vinden. En wanneer je het vindt ontdek je dat het nooit anders is geweest, alleen zag je het niet. Dat is het dus, een kwestie van wel of niet zien.

Bij het zien dat alles in het bewustzijn, wat jij bent, verschijnt, beweegt en verandert kan je ook concluderen dat alles in jou verschijnt én verdwijnt.


Mijn vader en ik zijn één, was de uitspraak van een welbekende!

10 sep. 2013

Zijn? hoe bevrijdend is dat?

Reflectie op de 'zijnsgesprekken' van 4 en 5 september.

Elk moment in samenspraak word ik geconfronteerd met uitspraken die verwachtingen inhouden. Natuurlijk is dat niet vreemd, want mensen die graag helderheid over dit thema willen verwachten natuurlijk die te krijgen en hopen op een spirituele doorbraak. Het onderwerp is natuurlijk paradoxaal, want het verwijst gewoon naar 'dit' in het hier en nu en tegelijkertijd is er de abstractie van de eenheidservaring of van het zijn-besef. Tegelijkertijd zien mensen mij als een hele gewone man en één die energiek enthousiast is over 'zijn'. En dat 'zijn' wat niet iets is vult mijn hele expressie. Alles wat tijdelijk bezit is of een tijdelijke beleving valt in het niets, bij dat continu zijn-besef.

Doordat het al zoveel jaren vanzelfsprekend is dat 'zijn' het thuis is waarin het leven, mijn leven zich voltrekt is het bijna niet mogelijk ook maar iets nog voor te stellen hoe het dan moet zijn als dat thuis niet als zodanig herkend is. Dus vol verwondering bekijk ik het zoekerschap. Dat de zekerheid die me is toegevallen niet de zekerheid is voor een ander is vreemd. Praten over 'zijn' is dan soms ook praten tegen doven en blinden. Het mooie is dat ieder die er over praat met mij in mij verschijnt en het enige wat als een echo weerklinkt is dat praten over 'zijn' onmogelijk het 'zijn' zelf uitdrukt, laat staan verhelderen. De onoverdraagbaarheid alom. Toch heeft er iemand een doorbraak gekregen. Iets van die zeer beperkte woorden: 'zijn is zien' is op goede grond gevallen en wat maakt nou dat dat gebeurd? Niet door mij of mijn woorden, maar door het innerlijk er aan toe zijn misschien, of een toeval dat een kleine zin, of uitspraak net de code is die het verstand weet te omzeilen. Een mysterieus proces, die zover ik kan inschatten niet te forceren is. Wel is de persoon in kwestie een doorbijter, een echte onderzoeker én eigenwijs! Dat moet, want het moet je eigen authentieke pad zijn, want terwijl je je laat inspireren door anderen die je voor gegaan zijn zal je toch volledig en alleen op jezelf moeten vertrouwen. Jij ben de enige die je eigen schaduw kan afwerpen, jij bent zelf de enige deur en ieder die jou ergens naar toe verwijst wijst alleen maar terug naar jezelf. Meer doet een ander niet.

Wat me opvalt is hoeveel ideeën er zijn over zelfrealisatie. De één nog mooier dan de ander. Dat kan ook niet anders, want er zijn zoveel gerealiseerden die op unieke wijze soms zeer uitbundig het leven uitdrukken, al gelang naar het temperament die iemand al had. Ik ken ook zwaar depressieven die na het herkennen van hun ware natuur, nog even depressief bleven. Misschien wel in mindere mate, maar persoonlijkheidsstructuren horen nu eenmaal bij de vormen zoals het leven zich voordoet. Het kan dus voor iedereen anders uitpakken, omdat iedereen al anders en uniek is.


Het is dus wel belangrijk om ideeën over hoe het dan moet zijn te verliezen, want die staan anders mateloos in de weg.


Het moment van herkenning en integratie van het zijn-besef heeft niet veel doen veranderen aan mijn eigen persoonlijkheidsstructuur. De lange tijd dat ik zelf depressieve klachten had is hanteerbaar en inzichtelijk geworden door een goede psychiater. Daar ben ik hem zeer dankbaar voor. Natuurlijk is het wel een verschil dat er geen verkleving meer is met de persoon Dick die last heeft van stemmingswisselingen. Deze stemmingen worden gewoon gezien vanuit een open, oordeelloos gewaar zijn.


Het idee dat je dus een gezonder, prettiger, rustiger, liefdevoller, begripvoller, geweldloos persoon gaat worden is dus een vergissing. Het kan wel, maar dat heeft niet specifiek met de herkenning van je ware natuur te maken. Het veranderen kan ook gewoon door voortschrijdend inzicht komen, of door de leeftijd, of door de hormonen. En voor 'zijn' is elke eigenschap een uitdrukking van zichzelf.


Verlichting is dus niet een situatie waarbij ongewenste persoonlijke eigenschappen of situaties verdwenen zijn, maar meer een loskomen van de gevangenis die we ervaren binnen de persoonlijkheid en situaties. Niet dat we er werkelijk buiten hoeven te staan. Het bewuste zien - wat ik dan 'zijn' noem en van waaruit iedereen schouwt - als je oorspronkelijke natuur te herkennen en eigen te maken maakt dit loskomen onherroepelijk.


Dit wordt bedoeld met het onbegrensde 'zijn' (Atman, Brahman, God, Boeddhanatuur etc.) Het is eenvoudigweg dat wat je al bent. De zichtbaar makende factor van jezelf, jouw leven en alles wat daarin gebeurd. Daarom wordt het ook het licht genoemd. Dat wat alles belicht. 


Het is een verheven toestand zolang je het niet als jezelf herkend. Eenmaal herkend is deze toestand zo natuurlijk en normaal en vanzelfsprekend als het maar zijn kan. Niets is zo gewoonlijk als het 'zijn' zelf. Het is als goud dat dient als basis voor een ring, als klei dat dient als basis voor een pot, en als water voor de thee. Je kunt niet bestaan zonder eerst te 'zijn'. 


Dat het 'zijn' gezocht wordt is evident, dat blijkt uit de vele satsangs die plaatsvinden. Dat het me verbaasd dat is zeker. Dat er geen hbo opleiding nodig is tot satsanggever is gelukkig een feit. Dat elk temperament die zich aan het satsang geven overgeeft dat op een andere manier doet is logisch. Dat de boodschap uiteindelijk eenvoudig is en overal hetzelfde kan ook niet anders zijn. Dat er zoveel angst is voor de valkuilen bij een goeroe lijkt me terecht, want zolang je denkt dat die ander het weet en jou iets kan leren ben je overgeleverd aan die ander en heel kwetsbaar. De gedachte, dat de ander iets heeft bereikt, wat jij nog niet bereikt hebt is een grote vergissing. Niemand kan meer bereiken dan dat wat jij al bent, want wat jij bent is al dat, het is al dat wat beschikbaar is in jou. Zien of gewaar zijn is jouw eerste existentiële noodzakelijkheid, anders was je er niet eens.


Om nieuwe verwachtingen of illusies te voorkomen is mijn boodschap dan ook simpel. Kijk! Zie! naar binnen, naar buiten, naar overal. Zie het zien zelf als eigenschap. Zien om het zien zelf. Zien is Zijn. 


O ja, dan ben je ook nog ineens een stuk minder opgesloten in je gedachten. Bevrijddend? Mooi meegenomen! 


(en je hoeft me er niet voor te bezoeken, al vind ik het geweldig dit in welke vorm dan ook uit te dragen; praten, gitaarspelen, schilderen en bloggen.)   




     

29 aug. 2013

Alles is in beweging

Zoals het gaat, schrijft het leven haar eigen verhaal. En zoals je kunt zien ben je er continu getuige van. Het is altijd jouw enige eigen verhaal!. De zomer duurt voort en ik weet dat het langzaam overgaat in de herfst. Er hangen vele groene bollen van noten aan de boom waar ik naar kijk. Dan komt natuurlijk de gedachte op van mijn opa, die ook keek naar de boom achter in het veld. (zie: De weg die....)
Inmiddels kijk ik vanuit een andere ruimte. Op een andere plek. Een plek waar geschilderd kan worden, waar gewoon niets hoeft te gebeuren. op een twee pits elektrisch kook toestel maak ik mijn dagelijks portie eten. Het is zo'n beetje zoals het altijd al was, dat wat bij mijn natuurlijkheid past. Naast het leven met Loen en Linda is dit de plek waar ik de rust kan vinden. Een rust die zo noodzakelijk is voor mijn lijf en geest. Een rust die de bron is voor een scheppend creatief proces. In de twee laatste blogberichten richtte ik de aandacht vooral op de onmogelijkheid over 'zijn' te schrijven, en tegelijkertijd is al het schrijven een uitdrukking van het 'zijn' zelf. Er is een drang tot schrijven, tot schilderen tot ademhalen. Er is een drang tot leven, waardoor elk leven tot stand komt. En zo schrijft het leven zich door me heen. De Jnana yoga is een continu 'dit' zijn. Het zien en dat wat gezien wordt. Ongescheiden, een ondeelbaar 'zijn'. Het heeft niets te maken met een hoger of dieper bewustzijn. Het is heiliger dan dat, want het is de smaak van alles wat je proeft en beleefd. Het is exact dat wat gevoeld wordt. En dat waarin het gevoeld wordt, dat ben jij. En nu, dat is wat mensen en mij heeft doen zoeken in bijvoorbeeld de Advaita Vedante, de Jnana yoga, het 'dat' waar we maar niet bij kunnen. We ervaren wel het 'niet dat' en zeggen niet dit, niet dat. We kunnen dus wel onderscheid maken en omdat we al ons hele leven zijn opgevoed door onderscheid te maken is dat tegelijkertijd het probleem. 
Het duurde bij mij nog wel wat jaren voordat het idee dat het iets anders moest zijn werkelijk verdwenen was. Het denken kan alleen dualistisch functioneren, omdat het denken functioneel bedoeld is. Als het dan met filosofische beschouwingen, wat denken inhoud niet gevonden wordt, waarmee dan wel? Voor mij was het onmiddellijke inzicht dat het zien van de gedachte, het zien van het ik-besef, wat de eerste basis gedachte is de deur moest zijn van de openheid die later bleek nooit achter gesloten grenzen heeft bevonden. In helderheid zijn we reeds geboren, zullen we zijn en sterven. Helderheid IS. Het geluk 'zijn' kan nooit op raken, of breken. En al wat verschijnt is continu in beweging, opkomen, blinken en verzinken en een dagelijks loslaten van elke ervaring. 'Zijn' is de onvoorwaardelijke verwelkomer van iedere ervaring, van ieder idee, hoe maya dan ook, het wordt vanuit de menselijke perceptie realistisch ervaren. Wanneer je lijdt, onder de ervaring is het 'zijn' als neutrale open realiteit een grenzeloze vergever. Alles komt ,maar verdwijnt er ook weer in en laat geen enkel spoor achter. Als dat niet barmhartig is weet ik het ook niet.
Aangezien de nieuwe plek waar ik de boom zie, waar ik werken van drie generaties schilderende Schreindersen op een muur heb hangen klein is, is het wel behaaglijk om de deur open te houden voor de eenvoudige gesprekken over dit wonderschone 'zijn'. Voor ieder die de behoefte heeft helderheid te vinden, ik kan je die niet geven, maar ik kan wel meekijken naar dat wat je weerhoud in helderheid te zijn. Op woensdag en donderdagavond is er gewoon een inloopavond tussen 19.00 en 22.00. (zie agenda) Er is altijd ruimte voor drie personen, dus een belletje is wel handig. Mocht ik er onverhoopt niet zijn is dat op de agenda medegedeeld, want niemand ook ik weet niet wat het leven in petto heeft, alles is altijd in beweging!

Liefs,

Dick  

5 aug. 2013

Wees en vergeet verlichting

Hoe graag er ook gezocht wordt naar verlichting, er is geen ontkomen aan dat wat is. Hooguit geven ideeën over verlichting een verwachting over een mogelijke betere toekomst. Net als gedachten die het verleden verheerlijken, bezeren al deze gedachten de toestand van nu, dat wat is.

Daarom, wees en vergeet verlichting, want dat wat is is je kapitaal, is dat wat je bent. Vergeet verlichting, want dit concept is je gegeven door anderen, door de cultuur en door alle mythen die rond gaan over verlichting.

Verlichting gaat over anderen die daar woorden aan geven en er daden aan vast knopen. Dat alles wat je hoort en leest en ziet zijn dingen die je waarneemt, maar welk perspectief geeft je dat?

Er zijn ideeën dat je verlichting kunt vinden, maar je zoekt een schat door andere beschreven met mooie rituelen omgeven, met diverse geestelijke stadia, kunsten, gelukzaligheid momenten en die van diepe vrede en harmonie. Je geeft er je hele vermogen aan uit en het enige wat je overkomt is dat je verblind raakt, nog blinder dan ooit ervoor. Verblind door de mooie gelukzalige ogen van je meester, verblind door je hoopvolle verlangens en soms door de rituelen en psychische her-conditionering. Verblind door nieuwe ideeën die weer nieuwe emoties doen oplaaien.

Ook boeken verblinden, zelfs dit blog lezen verblind helemaal als ik poëtisch wordt. Je gelooft al snel wat er staat. Het lijkt wel wanneer iets in gedrukte letters staat het meteen ook iets is.

Ik weet dat het wonder, het 'zijn' met geen pen te beschrijven valt en dat ik het dan toch probeer, wil niet zeggen dat ik het daadwerkelijk beschrijf.

De innerlijke weg van het wegstrepen om tot louter 'zijn' te komen is een geheel particuliere weg. Eén waarbij je uiteindelijk helemaal alleen komt te staan. Eén waar je uiteindelijk alleen 'zijn' kunt wezen. Dat is wat met jnana yoga gebeurd. Dat de uiteindelijke verlichting niet meer is dan een idee, staat voor mij buiten kijf. Ook dat idee, wie durft dat weg te strepen?

Gaat spiritualiteit uiteindelijk wel over verlichting?

Vanwege het in mij afwezige definitie van spiritualiteit vroeg ik Hans van Dam wat zijn definitie is van spiritualiteit. Hij wees me weer terug naar de definitieloosheid en ja gezien ik nooit eerder behoefte had spiritualiteit te definiëren bevalt me een niet opkomen van een definitie over spiritualiteit wel. Hoe zit het dan met verlichting? Eenvoudig kan ik zeggen niets. Elk idee over verlichting die ik op mijzelf betrok bleek niet meer dan een idee met een emotionele koppeling en met tijdelijke houdbaarheid.

Schrijven over 'zijn' is eigenlijk niet meer dan woorden geven aan dat wat in alle openheid zich nu openbaart. Zodra geschreven is het al verworden tot een verhaal. Niet meer dan dat. Iedereen is daartoe in staat en het is niets bijzonders.

Verlichting is een mythe, 'zijn' niet. Je roeren in je kopje koffie, je ademhalen getuigen er direct van.

Dat er over eenheid gesproken wordt is voor mij evident. Zoals Jan van Rossum mooi vertelt dat je geheel afhankelijk bent van de lucht, de zon en de sterren en het water en dat je in die eenheid van het ecosysteem en de kosmos een deeltje bent en tegelijkertijd verbonden. Zo is alles wat je ziet afhankelijk van het gezichtsveld dat door jouw zintuigen mogelijk gemaakt wordt. Als je het zien zelf als uitgangspunt beleeft wordt alles als eenheid ervaren, maar dat wil niet zeggen dat alles eenheid is.

Niemand is bij machte te zeggen dat alles eenheid is. Niemand kan zich voorbij de grenzen van de waarneming plaatsen. Alles wat daarachter beleefd wordt behoord nog steeds tot de waarneming en zelfs het waarnemen zelf wordt waargenomen.

Daarom is 'zijn' een verzamelwoord voor alle door de zintuigen waargenomen waarnemingen en het waarnemen zelf. Dat er aan de waarnemendheid of ook wel bewustzijn genoemd geen grenzen te ervaren zijn betekend nog niet dat het grenzeloos is.

'Zijn' is een concept, geen waarheid. Ervaringen zijn subjectief en particulier en niet overdrachtelijk. Alleen verhalen en overtuigingen zijn over te dragen, maar jij staat alleen. Alleen jij kan ondervinden en 'zijn'. Alleen jij kan zien, nooit ervaar je het zien van een ander. De ander die je ziet is een vorm met een heel complex aan verhalen, aantrekkelijk of niet. Qua invulling (projectie) bestaat de ander alleen in jou. 'zijn' is jij en jij bent 'zijn'. Al wat ik over 'zijn' zeg kan voor jou nooit waarheid zijn. 

Dat ik schrijf over 'zijn' en het blog jnana yoga genoemd heb wil niet zeggen dat ik verlichting heb bereikt. Wat ik doorzien heb zijn de verhalen over verlichting, die ik stuk voor stuk weg heb mogen strepen, net zolang tot ik de definitie van verlichting heb mogen wegstrepen. En ik het woord verlichting in de definitieloosheid verdwenen zag en net als ik het woord spiritualiteit in de definitieloosheid zag verdwijnen en zelfs het begrip 'ik', dat verdween in de definitieloosheid. En niet-weten als concept is al net zo leeg als het concept wel-weten. Er kan van alles gedefinieerd worden, maar 'zijn' laat zich niet definiëren en is als definitie leeg. Enkel je adem, je scheet, de smaak van koffie en de pijn of genot in je lijf zijn directe uitingen en bewijzen wat jij bent, 'zijn'. Deze uitingen behoeven geen definitie en gek genoeg is daar ook weinig belangstelling voor terwijl het zo voor de hand ligt.

Wees en vergeet verlichting. Zien en Zijn zijn hetzelfde, dus zie en je ziet dat je 'zijn' bent. En wat dat is???

Wees verwonderd! I don't now!

Trouwens, aangezien er niets te zeggen valt en ik toch al zoveel overbodigs op dit blog heb gedropt is het misschien tijd om ermee te stoppen? 

'Zijn'? Weg ermee! Oeps, lukt niet.

Een van mijn inspiratoren Tieneke Bertelink zegt altijd; Je doet iets totdat je het niet meer doet.

Wie weet! 



27 jul. 2013

schrijven over 'zijn'

Het schrijven over 'zijn' is hetzelfde als denken over 'zijn'. Waar komt dat denken vandaan, waar komt de inspiratie vandaan? Het meeste denken en schrijven gaan over onderwerpen, belevingen, verhalen. Is 'zijn' een onderwerp, een beleving of een verhaal? Ik stel deze vragen om er natuurlijk een antwoord op te geven. Ik begin dit blog bericht, omdat een door mij gerespecteerde lezer van het blog, de mening uitte dat de gedachten die ik vorm tot teksten gebaseerd zijn op gebakken lucht. Aangezien ik spreek over 'zijn' wat ik ook wel zien noem, kan ik niet anders dan deze boodschap zo helder mogelijk te onderzoeken. Ik weet dat dit een onderwerp is die zeer moeilijk onder woorden te brengen is. En wanneer het al zo goed mogelijk onder woorden gebracht is, waardoor het begrijpelijk en overdrachtelijk is, dan nog heeft het niets te maken met het 'zijn' zelf. De lezer vroeg me dus ook wat mijn motivatie is om zodanig zo'n blog te publiceren. Een terechte vraag!

Allereerst kan ik niet anders zeggen, dat 'zijn' zich niet laat vangen in woorden of definities. 'Zijn' drukt zich reeds uit in alles en sluit niets uit. Zijn heeft geen voor of afkeur en alles is gelijkwaardig. Met andere woorden er is niets dat geen 'zijn' is, zelfs een blog en een verhaal over het onderwerp 'zijn' is al reeds een uitdrukking van 'zijn'. In die zin heeft de lezer gelijk, er is geen enkele reden om er een blog over te schrijven, maar ik kan er tegelijkertijd niets tegen doen. Het is het 'zijn' zelf dat zich uitdrukt via de gedachten van wat men normaal gesproken de persoon noemt, in dit geval Dick. Maar vanuit 'zijn' is er geen persoon, alleen maar 'zijn'. Een niets dat alles is. Een alles dat in zichzelf leeg is.

Omdat de reden dit niet kan verklaren en het onderwerp geheel buiten de kaders van het denken valt is het natuurlijk logisch vanuit de logica dat deze kansloze 'alles en niets' definitie geheel als gebakken lucht wordt afgedaan.

Het niet-weten, waarmee ik de grenzeloze ruimte buiten de kaders van het denken definieer staat daarbij synoniem voor 'zijn'. Wetende dat deze definities tot nieuwe dogma's kunnen leiden is bescheidenheid op zijn plaats en het telkens weer de beperktheid van deze definities te onderkennen onvermijdelijk.

Schrijven over 'zijn' suggereert dat er kennis is over 'zijn'. In mijn geval is dat niet zo. Ik weet niets over 'zijn'. Het 'zijn' weet mij en leeft mij. In die zin is 'zijn' mij en andersom. Er is geen scheiding.

'Zijn' is ook niet te leren en niet overdrachtelijk want het IS al dat. Ook de behoefte die verschijnt om iets te leren over 'zijn' is 'zijn' zelf. Dit allemaal kan heel mystiek klinken. Ook kan de vraag in je opkomen wat je er dan aan hebt. Helder is het antwoord: niets. Je hebt er niets aan. Als dit onderwerp je niet aanspreekt op de herkenning van je ware natuur, dan kan je er niets mee. Wanneer er niets in je boven komt drijven van vertrouwdheid dan is in overdrachtelijke zin woorden over dit onderwerp waardeloos. Het kan dan terecht afgedaan worden voor gebakken lucht, of de zoveelste dogma, traditie, gezever of wat dan ook.

De motivatie om te bloggen komt voort uit de uitdrukking van mijn hele lichaamstaal en de spontane gedachtestroom die zich openbaart die ik zou kunnen omschrijven als verwondering. Deze verwondering schept weer een sensatie van intense beleving en levendigheid die elke gedachte erover te boven gaat. Omdat deze levendigheid om niets verschijnt als een explosie is het voor mij gerechtvaardigd dit onvoorwaardelijke liefde te noemen. Belangrijk is wel te constateren dat deze beleving een uitdrukking van 'zijn' is wat erin verschijnt en verdwijnt. In Advaita Vedanta wordt vaak gesproken over het onderscheid tussen de waarheid en de onwaarheid, nou dat zou je hierop kunnen baseren: 'Zijn' is tijdloos en belevingen zoals verwondering zijn tijdelijk gebaseerd op en afhankelijk van je tijdelijke lichamelijke bestaan.
Voor mij zelf is het onmogelijk om beide los van elkaar te zien dus spreek ik liever niet over waarheid en onwaarheid. Wel kan ik deze terminologie begrijpen in de context van de Advaita Vedanta, die gebaseerd is op de traditie leraar en leerling en overdracht tussen beiden. In het onderzoek van Advaita Vedanta (jnana yoga) moet je ergens beginnen en onderzoek betekent al onderscheid maken. Het is een intellectuele weg die uiteindelijk zichzelf dient op te branden.
Uiteindelijk is elk weten over de ingrond van zichzelf gedoemd te mislukken en te verdampen in een niet-weten. Mysterie is en blijft mysterie. Het wonder blijft goddank wonder en niet manipuleerbaar door een hogere autoriteit. Niemand heeft ooit de macht over 'zijn' gekregen en wanneer 'zijn' als helderheid door elke vorm en gedachte heen schijnt is het onmogelijk er nog iemand in te vinden. Het leven is dan een spontane uitdrukking van een unieke diversiteit, die dansen en botsen en met elkaar meebewegen. Ik zie dan ook in ons menselijk perspectief geen enkel verschil met atomen en andere kosmische deeltjes die deze manifestatie mogelijk maken (aangezien dat niet mijn materie is maar meer die van Roeland de Looff verwijs ik naar zijn website)

Hiermee is nog steeds niet gelukt het 'zijn' te doorgronden. De gebakken lucht is nog niet opgeklaard en de verwachting dat dat ooit zal gebeuren acht ik klein. De verwondering en de blijdschap om dit alles te doen uiten is des te meer geslaagd. Alles is goed, ook onbegrip, weerstand, afwijzing. Het blijven bewegingen der delen, uitdrukking van een algeheel mysterie.

Tegelijkertijd wil ik met dit bericht meedelen dat mijn fysieke gesteldheid het niet aan kan om op dit moment erg actief te zijn. De agenda is leeg. De inzichten die daarmee zijn aangediend zorgen ook voor beweging en mijn leven zal zich moeten aanpassen. Mijn lieve Lin en Loen doen daarbij erg hun best en samen geven we een nieuwe draai aan de vorm.
Als die vorm gevonden is en de rust teruggekeerd zal ik graag de verwondering willen blijven delen en in jullie aanwakkeren. 'Zijn' kan zich alleen uitdrukken door te zijn!

Met dank aan de lezer die voor inspiratie zorgde voor dit bericht en dank aan jullie die het lezen! 

Voor iedereen die de combinatie 'verwondering en leven' verder uitgedrukt wilt genieten, een echte aanrader is het boek van Jeff Foster getiteld: "Een buitengewone afwezigheid". Uitgegeven door Samsara Books.

Dick







28 jun. 2013

'Zijn' is geen theorie

Tijdens het laatste blogbericht eindigde ik met een te mislukken zoektocht. Graag zou ik hier mee willen vervolgen.

Je kunt je afvragen wat de zin is van een spirituele zoektocht. Het is misschien boeiender de zingeving zelf te onderzoeken. Voor wie zou het zin hebben? Zingeving is altijd voor de persoon. Zingeving is zinsbegoocheling. Het gaat over onderscheid maken tussen zin en onzin en dat is nou juist de drijfveer om te zoeken. Dat is waar we van af willen, van die onzekerheid, dat voortkomt uit het niet-weten.
Niet-weten is eigenlijk dat wat ons voortstuwt in het willen weten. Dat wat we zijn, niet-weten zoeken we door het ontkennen ervan.
Merkwaardig nietwaar? Je bent 'zijn', dat op zichzelf een niet-wetendheid is, en vervolgens ga je in allerlei wetenswaardigheden zekerheid zoeken. Dat is wat we willen, zekerheid. We zijn God maar willen God worden, macht over onszelf hebben, terwijl we machteloos zijn.

De zoektocht heeft geen zin. Als er een zekerheid gevonden is, of een macht, dan weet je zeker dat je je opnieuw in een comfortabel nestje van ideologie hebt genesteld. Daarin kan je alleen maar opnieuw in teleurgesteld worden, het is een schijnzekerheid.

Het realiseren van je ware natuur? Maar hoe zit het dan met je onware natuur? Wat doen we daar mee? Het is helder te concluderen: ik ben niet Dick Schreinders, ik ben 'dat' wat er aan vooraf gaat. Toch is er ook de conclusie van de onafgescheidenheid. Je raakt de zgn. onware natuur niet kwijt, sterker nog je moet het begrip waar en onwaar verliezen, want onderscheid maken is dualiteit ten voeten uit.

Volheid, eenheid, zijn, is vooral dat wat na een failliete boedel, een totaal zelf-faillissement overblijft. Dat gaat niet over verlies van eigenwaarde of minderwaardigheid, nee die begrippen zijn juist lekkernijen om jezelf te strelen. Eigenlijk zijn gevoelens van trots, eigenwaarde, of minderwaardigheid gewoon allemaal facetten van zelf-liefde. Het zijn labels om onszelf vooral van eerlijkheid af te houden.

Het leven zelf is als zijnde een zee van niet-wetendheid zo confronterend, dat we niets anders doen dan verhalen bedenken om zin en betekenis te geven aan 'dat' wat misschien geen enkele betekenis heeft, aan 'dat' wat niet meer dan leegte, dan 'niets' is.
Met 'niets' bedoel ik dat we er geen idee van kunnen hebben, want of niets niets is, daar weet ik natuurlijk niets van.

Non-dualiteit is het zoveelste ideologische onderscheid, iets waarvan we denken dat het bestaat en bereikbaar is. We denken in staten van 'zijn', alleen dat kan het denken produceren.

De enige echte staat van 'zijn', en die is ieders staat van 'zijn' is die van stateloosheid. Zijn is in werkelijkheid zijn-loos, niet iets. Het onware zelf waarvan we vinden dat we die moeten doorzien is op zichzelf leeg, dus waar en onwaar zijn ontoepasselijk, vandaar dat de zoektocht naar waarheid net zo'n volstrekte onzin is, als iedere andere zin waarmee we waarden toekennen aan iets.

Elke drijfveer is er een van angst. Bij het geboren worden, in leven zijn in niet-weten zijn is er al een zekere stress aanwezig.
Het weten probeert als kalmeringsmiddel orde en structuur te brengen aan ons leven. De hele cultuur en politiek draagt ook deze structuur gedreven door angst.

Kunnen en durven we in te zien dat we het niet weten?

Durven we als 'zijn-sprekers' en kenners te onderkennen, dat we niet weten waarover we spreken?

Het is een vraagstelling, geen waarde-oordeel, want het is elke laag van weten naar niet-weten dat beleefd en geuit wordt en alles lijkt één en al expressie van het éne waar we met onze onderscheidingsvermogen niet bij kunnen. Vandaar dat het niet bereikbaar is, want bereikbaarheid zelf is onderscheidend.

Ik kan het zoeken in jou niet bevorderen, hooguit demotiveren. Elk advies die ik geef, als ik het al zou kunnen is een voortzetting en instandhouding van jouw onderscheidingsvermogen.

Wat dan? Niets! Gewoon dit. Poepen, eten, luiers verschonen, je vrouw zoenen, je kwaad maken om de politiek en je verwonderen over de sterrenhemel en het niets wat je bent, je onbenulligheid onder de zon én je grootsheid in het besef dat je er geen donder van begrijpen zult.

En nu kan ik me voorstellen, omdat ik nu eenmaal blog, dat jij de vraag voelt opkomen, nou klootzak, hoe zit het dan met jou?

Ach, als er een gedachte opkomt over mijn ware natuur, dan is er alleen een verschijning van een gedachte over de ware natuur.
Als er een gedachte opkomt over mijn onware natuur, dan is ook die niet meer dan een gedachte.
Gedachten komen op in een volstrekt leeg onwetend niets, waar ik niets van af weet. Al bedenk ik nog zoveel waarden toe aan gedachten, gevoelens en gebeurtenissen, het is niet meer dan denken en het ware of onware is volstrekt niet meer van enig betekenis.

Dat was is, IS. In dat wat is ben ik als verschijnsel niet meer dan een onbenul die er niets van begrijpt en weet.

Geen theorie heeft in mij meer waarde dan zijnde een theorie en lullen kunnen we doen tot we er bij neervallen of er schoon genoeg van hebben. En dat zal zo zijn, lullen. Ik heb nog nooit zoveel geklets en gehoord en gelezen en zelf geproduceerd als het laatste half jaar.

Ben nu aan vakantie toe en draag het huisje over aan iemand die dit oord als vakantieoord hoopt te ervaren.

Ergens in Augustus lullen we er weer over! (mooie gedachte nietwaar?)

Liefs, alle goeds en mooie zomer gewenst,

Dick


20 jun. 2013

Alleen Zijn

De eenvoud van 'zijn' is zo direct, dat het alleen maar over het hoofd gezien kan worden. Het is het zien zelf dat onmiddellijk in verbinding staat met 'zijn'. Omdat er aan het zien door het denken een ziener wordt gekoppeld is het nog moeilijker louter 'zijn' als de basis van wat we zijn te herkennen.

Hier loopt iedereen die zich hiermee bezighoud tegenaan.

Het frappante is dat er geen scheidingen zijn tussen, zijn, zien en denken. Alles is onlosmakelijk één. Dit maakt zelf onderzoek ook moeilijk. Er is geen los zelf te vinden. Er is niets los van jouw lichaam. Je denken verschijnt erin, je gevoelens en zelfs bewustzijn gebruikt je lichaam als zintuiglijke projector om de ogenschijnlijke buitenwereld waar te nemen, dat natuurlijk ook weer afhankelijk is van jouw lichaam, want waar is de wereld, wanneer jij hem niet meer ziet, hoort en ruikt? Elk antwoord die nu in je opkomt is een aanname.

Men zegt wel; ach als ik dood ben gaat de wereld door...
Is dat wel zo?

En het is voor jou vast te stellen, dat alles met elkaar verbonden is, alles gebeurt tegelijkertijd, zijn, zien, voelen, denken, binnen in je lichaam, buiten je lichaam en als er ook maar iets uitvalt verandert het hele paradigma, behalve één, en dat is 'zijn'. Dat je bent is evident, wat er ook verandert.

Nu zijn er de gewoonten om alle aandacht te richten op het schouwspel zelf, zo zelfs, dat we verslaafd zijn geraakt aan het schouwspel en vergeten zijn dat het hele schouwspel afhankelijk is van dat we 'zijn'.

Dus lijkt het makkelijk om die hele verlichtingskwestie waar het dan om draait op te lossen, puur door de aandacht te verleggen naar 'zijn' ofwel, we kijken maar eens terug de andere kant op, denken we. We gaan mediteren, reciteren, contempleren, schouwen naar onze gedachten en gevoelens. En wat blijkt, verder dan dat komen we niet. Jawel we krijgen wat mooie nieuwe ervaringen die we op onze spirituele cv zetten. Het blijkt dat we nog meer kennis kunnen vergaren over onze gedachten, emoties, en dat er nog veel meer gevoeld kan worden dan we al deden. Zelfs ervaren we een soort bewustzijn en verruiming ervan en enkelen komen in een jubelende ervaring en vinden dat al verlicht genoeg. Jawel, verlicht genoeg, want alle shit is door de nieuwe ervaring even op een zijspoor gezet. Daar waar je aandacht heen gaat, dat wordt beleefd en wanneer dat een tijdje aanhoud, lijkt het ook het eind station. Helaas, komt dat vaak bedrogen uit.

Oke, als ik dan suggereer hierboven dat al dat gedoe niet werkt, wat werkt dan wel? Nu alles wat ik hierboven noemde werkt absoluut, al is het maar om het inzicht te krijgen dát het niet werkt, al is het maar als een soort spirituele weg, door te maken en te verwerken tot het als een rotte appel van jou als 'boom van zijn' af zal vallen. Wat mijn mening ook is, ik wijs niets af en zie zelfs de schoonheid van al die zaken in, alleen heeft het niets te betekenen met 'zijn' of de natuurlijke staat van zijn, waarover ik het heb. En sterker nog als ik het erover heb, dan vervalt mijn verhaal in het rijtje van oude koek, want er is eigenlijk niets over te zeggen, dus is communicatie over dit onderwerp opzicht al verdacht.

Het is niet voor niets, dat: wanneer je de Boeddha ziet, je hem moet doden, want het is de zoveelste valstrik die je verwijderd van jezelf.

Wat kun je dan wel doen? Eerst elk geloof onderzoeken op waarheid. En blijf je in speculatief gezeur hangen, neem van me aan daar heb je niets aan dan is het sowieso onwaar. Bijvoorbeeld begin het geloof in MIJN woorden eerst eens onder de loep te nemen, want waarom zou ik het weten? Wie ben ik? Als antwoord daarop; ik die weet, dat ben ik niet en wat ben ik dan wel? dat weet ik niet.

Je hebt dus niets aan mij. Waar heb je nu wel wat aan? Aan de enige zekerheid. Jijzelf. Jij hebt wat aan jouzelf. Het enige bewijs dat jij dit leest is omdat jij bent. Jouw 'zijn' maakt alles uit. Als jij er niet zou zijn zouden deze woorden niet aan jou geopenbaard zijn. Jij hebt deze woorden gezocht en gevonden. Dat jij bent, is de enige zekerheid, zelfs het bestaan van iemand anders zou weleens een aanname kunnen zijn.

Hier begint jouw werkelijke onderzoek, een uitsluitend te mislukken onderzoek, met één geruststelling, dat er aan het eind veel opgehelderd is. En dat is een mislukt onderzoek zeker waard!



11 jun. 2013

Zijn: God

Na enkele ontvangen mailtjes die over God gaan heb ik dan nu maar even een mailcontact gebruikt om iets te verhelderen, of te verwarren?

Vragensteller: Hallo, is zijn voor jou hetzelfde als God, waar ik naar op zoek ben?

Wanneer ik God noem, heb ik het niet over een almachtige entiteit die over ons waakt en oordeelt. Inderdaad Zijn is als woord te vervangen door God.

Je kunt niet op zoek gaan naar God.
Alles wat jij bent is God.
Je hele wezen is Goddelijk en je hele bestaan is Goddelijk.
Je denkt dat je bestaan niet Goddelijk is. Je wijst jouw bestaan af.
Maar dat wat 'is' valt niet af te wijzen, niet te ontkennen.
Dat is de neurose; de ontkenning van dat wat 'is'.

En ik zeg je, alleen hier in dat wat 'is' is God te vinden, omdat niets niet God is. God is alles, inclusief jouw neurotische gedachten.

Als je werkelijk gaat kijken, als je werkelijk ziet. Als zien jouw hele wezen wordt, als zien als waarheid herkend wordt, dan weet je dat je God bent.
Dat het God is dat door jou leeft.

En daar kan je van vinden wat jij wilt, wat hetzelfde is als afwijzen van wat 'is'. Want wanneer jij er wat van vindt denk je dat je het weet en dat is nou het probleem, dat je God als jezelf, als autoriteit niet durft te laten leven. Hooguit geloof je in God, maar door in God te geloven laat je God niet toe, je houdt je vast aan je beperkte, tijdelijke houvast van jouw denkbeeldige persoon, ééntje die ergens in geloofd. Je vindt jezelf nog te belangrijk, want jij gelooft en vindt wat. Dat is de schaduw waardoor het licht van God verduisterd wordt.

Het is de angst waardoor je de realiteit afwijst en je jouw derdehands standpunten ervoor in de plaats zet.

Zie dat al die ideeën zonder God geen enkel leven kunnen leidden. Hervind door werkelijk te zien. Door alles wat 'is' onder ogen te komen.
Dat is niet makkelijk, dat is pijnlijk, want dan moet je kijken naar elke menselijkheid-die we graag projecteren op anderen-in ons zelf. Wie durft te erkennen dat hij ook een Hitler in zich heeft of een verkrachter, of een bedelaar die schooiert om erkenning en aandacht? Nee, we willen graag onze spirituele kant zien, de heilige, de onbaatzuchtige en ons gelijk krijgen. We willen het liefst gelijk krijgen en voor God spelen, dát weerhoud ons God te zijn!

Zien, totdat ziennendheid zelf als constante toestand eigen is.
Dan is thuis God en ben jij als God in God thuis gekomen.
Maar je kunt ook zeggen dat ziennendheid je ware aard is, of 'zijn'. Uiteindelijk is in de lege conceptloze waarheid geen taal meer nodig.
Dan is waarheid levende waarheid en drukt zich uit in alles en met alles.
Dan is de waarheid opgelost in zichzelf.

Als de onwaarheid door het zien is verbrand heeft waarheid op zichzelf geen betekenis meer, dan kan ook waarheid niet meer bestaan als tegenpool van de onwaarheid.

Een waarachtig levende kan de waarheid niet overdragen, omdat alles in dat leven wat onwaar was tot waarheid is gekomen, dan is alles waar, dan is alles God, niets uitgesloten, want niets is afgescheiden in het Goddelijke licht wat ik meestal 'zijn' noem.

Dank voor je vraag, excuus voor dit buitenproportionele antwoord.

Dezelfde vragensteller: Bent u een Goeroe?

Nee en ja, tja.....

Wanneer de Goeroe Goeroe is, is hij de Goeroe van zich-zelf. De Goeroe verwijst alleen naar de Goeroe in jouw zelf. Het is de Goeroe in jou die de Goeroe in een ander ziet en/of herkent.

De echte Goeroe raakt jouw hoogste realiteit. Dat deden ze met mij. Het opnieuw aanwakkeren van mijn eigen innerlijke vuur. De Goeroe wijst altijd naar zichzelf als hij al ergens naar verwijst.

Uiteindelijk ben jij als hoogste realiteit, als God zelf het enige vuur dat aangewakkerd kan worden, omdat het vuur in jou onmogelijk te doven is.
De waarheid, het 'zijn' in alle dingen en wezens zal smeulend wachten tot er iets of iemand het vuur herkent als zichzelf en dan kan het niet anders, dan dat het lichtend vuur alles zichtbaar maakt en verbrand. Dan is er geen schaduw en mist meer, dan is alles wat 'is' de enige realiteit.

De hardnekkige vragensteller: Bent u het nou wel of niet?

Beste belangstellende. Zoek voor jezelf uit wat jij bedoelt met het woord Goeroe. Ik heb voor dat woord verder dan het eerder uitgelegde geen belangstelling. Het woord Goeroe verwijst alsof er een gids is. Ik weet zeker dat iedere gids een projectie is van de zoeker. Het begint al op de lagere school, je gelooft je meester volledig, totdat je misschien en dat is voor weinigen weggelegd zelf eens gaat nadenken. Als ik al ergens naar verwijs, dan hoop ik dat je het helemaal voor jezelf onderzoekt. Daar heb je mij niet voor nodig. Ook mijn verwijzingen zijn derdehands.
Je mag wat mij betreft al bovengenoemde woorden in de plee wegspoelen. Als er iets getrikkert is in jou, wat tot zelf-nadenkerij leid, ben ik al helemaal blij, want dan heb je niemand meer nodig, dan is je autonomie in werking gezet.

Dank voor je belangstelling en wie weet schrijf jij ooit je eigen blog! 

P.S. denk niet dat ik iets bereikt heb, het tegendeel, ik heb niets bereikt, helemaal niets. Er is ook niets veranderd aan Dickie Schreinders, en ik kan je verder ook niet helpen, tenminste niet in het bereiken van iets of het vinden van God.

dick 

De niet ophoudende vragensteller: Beste Dick, u heeft maar liefst 5 volgers op uw blog? Dus toch een....?

Beste belangstellende met welk doel dan ook....

Deze volgers zijn geen volgelingen! Ze houden me met compassie en mededogen in de gaten om te voorkomen dat de rare hersenkronkels die ik openbaar op het blog niet uit de hand lopen en het noodzakelijk is in hun beleving de ambulance te bellen voor een gedwongen opname op de crisis afdeling van het dichtstbijzijnde ziekenhuis. Indien ook jij vindt dat je een oogje in het zeil moet houden, bij deze welkom. Aanmelden is gratis!







4 jun. 2013

Thuiskomen in zijn

Verlichting, zelfrealisatie, ontwaken wordt ook vaak thuiskomen genoemd. Thuiskomen in waarheid, of je werkelijke 'zijn'. Als titel voor dit schrijven gebruik ik thuiskomen in 'zijn', omdat ik thuiskomen bijzonder geschikt vind om misstanden te verhelderen. Wat het hele traject van thuiskomen namelijk inhoud is verhelderen. In het woord thuiskomen en ontwaken zit iets van een doener verborgen. Verlichting en zelfrealisatie zijn reeds een aanduidingen van iets dat is. Thuiskomen en ontwaken hebben beide nog een traject in zich en juist dat boeit mij er iets over te schrijven.
Het verlangen om thuis te komen suggereert dat iemand van huis is, waarschijnlijk zelfs verdwaald met een diep instinctief verlangen terug te keren naar dat, het thuis, dat hij ergens denkt te kennen, of te herinneren, of waarvan hij gehoord heeft dat het bestaat. Het thuis is een toestand, waarbij elk doel als bestemming is verdwenen in een intens helder levend nu. Eenmaal thuisgekomen in 'zijn' is op spiritueel niveau elk zoeken verdwenen dus ook de onrust en twijfel die er voorheen en tijdens het thuiskomen waren. Deze zekerheid, deze helderheid, deze waarheid is wat ook verwacht wordt door de zoeker te vinden. Zolang deze verwachtingen niet zijn ingelost zal de zoeker blijven zoeken. De enkelen, maar inmiddels steeds meer mensen die in deze zekerheid, helderheid en waarheid leven zijn ook weer stimulerend voor de zoeker om door te gaan. Het is immers te bereiken, want anderen zijn hen voor gegaan.
Vanuit allerlei spirituele wegen worden er trajecten aangeboden om dit doel te bereiken. Er is een heuse handel in trajecten naar verlichting ontstaan gedurende de eeuwen. Er zijn er die pijnlijk zijn, of juist feestelijk of wegen van arbeid en dienstbaarheid. Waar de Advaita naar verwijst is juist andersom, niet het traject, maar naar diegene die het traject aflegt; wie is het? die zoekt. Het onderzoeken van de vraag wie ben ik is natuurlijk ook een traject, maar wel een directe. Je hoeft er nergens voor naartoe en er niets voor te doen, dan alleen in jezelf die vraag te stellen. Deze zelfreflectie zegt het al, het reflecteert naar jou zelf. Dat zelf wat je graag wilt realiseren. Deze reflectie reflecteert naar het diepste in jou. Voorbij wat je denkt, voorbij wat je voelt, want denken en voelen worden nog steeds gekend aan de periferie van wat jij bent, dus die dienen voorbij gegaan te worden. Het zelf onderzoek is dus niet een analyse over wat je denkt en wat je voelt, want die beiden zijn de verdwaalden die verlangen om thuis te komen. Het thuis is dat wat de bron is van al die ervaringen (de gedachten en de gevoelens en de waarnemingen die deze beiden de buitenwereld noemen) Thuiskomen in 'zijn' is de titel waarmee ik begon. Ik gebruik 'zijn' als een abstract woord voor iets wat ik eigenlijk niet kan benoemen. Dat ik het niet kan benoemen betekent dat ik het niet weet. Het is niet iets wat door mijn weten en kennis geconfisqueerd kan worden. Toch schrijf ik erover en noem ik het 'zijn'. Met alle voorzichtigheid, want iets benoemen wat van zichzelf geen naam heeft is al verwarrend genoeg. Sommigen hebben het over bewustzijn of bewust-zijn. Ook dat is prima, maar niet mijn woord. Dat er uit het denken en voelen en de combinatie daarvan een zelfbewustzijn ontstaat dat zichzelf kan reflecteren door te denken over de gedachten en het doorvoelen van gevoelens betekent nog niet dat dát waar ik naar verwijs ook zichzelf bewust is. Het zelfbewustzijn van het denken en voelen, afhankelijk van lichaam en zintuigen is voor mij overduidelijk de verdwaalde die op zoek is naar thuis. Het thuis gaat aan de zoeker vooraf en voorbij. Eigenlijk suggereer ik hiermee dat de zoeker min of meer het zelf in de weg staat. Het zelf of zoals ik het dan noem 'zijn' is mogelijk bewust, maar dat kan ik qua ervaring, dat het 'zijn' onmogelijk kan kennen niet bevestigen. Toch is er die overduidelijke constellatie van eenheid, wat de uitkomst van het thuiskomen in 'zijn' uiteindelijk door iedereen en ook door mij wordt uitgedrukt. De Advaita richt zich op de waarheid door de onwaarheid te verhelderen en op te lossen. Dat is het inzicht. Wat niet waar is kan geen waarheid zijn. Waarheid is dat waar onwaarheid ontbreekt. Ook dat wat veranderlijk is kan nooit het onveranderlijke 'zijn' zijn. En toch spreken de thuisgekomen ontwaakten over eenheid. Uiteindelijk blijkt waarheid en onwaarheid een ondeelbare waarheid. Eenmaal in waarheid of waarachtigheid levend is alles waar en niet waar. Het is voorbij elke intellectuele verwijzing. De intellectuele verwijzingen zijn gereedschappen voor de zoeker maar niet voor de ontwaakte thuisgekomen zelf-gerealiseerden. Elke verwijzing is voor hen onderdeel van de droom die als enig doel heeft te ontwaken uit zichzelf. Ook het uiteindelijke ogenschijnlijk bereikte doel, zelf-realisatie of ontwaakt 'zijn' en verlicht 'zijn' behoren tot de droom van de zoeker. Voor diegene waarbij de zoektocht is verdwenen is er niet iemand die wat dan ook is.
Hij lijkt en doet als een timmerman, maar 'zijn' is alles wat er is. Hij lijkt en doet als een verlichte, maar 'zijn' is alles wat er is. Hij lijkt alles te weten over verlichting en spiritualiteit, maar in werkelijkheid weet hij niets, en dat weet hij verdomd zeker!


Met deze laatste woorden citeer ik Jan van Delden